Franse Koningen

Adel trouwde met adel en het is dan ook geen wonder dat ook Franse koningen en prinsessen hun opwachting in de bloedlijnen naar de Krommenieër familie Zwart maakten. We hebben het dan over de koningen met de naam Louis (Lodewijk). De Zonnekoning Louis XIV is dan wel de meest bekende, maar zijn voorvaderen, de Franse koningen Louis I, II, III, V en VII, zijn ook de voorouders van Hendrik Zwart uit Enkhuizen.

Alemanië

Die Franse koningen vonden hun afkomst weer bij Duits-Frankische koningen van Alemanië. Die naam verwijst naar de stam van de Ale-mannen. Het gebied omvatte de huidige Elzas, het oosten van het huidige Zwitserland, het westen van het huidige Beieren en de tussenliggende gebieden.

Aan het einde van de groei van het Romeinse Rijk was het Romeinse Rijk ineengekrompen tot alleen Italië en vormden de Alpen de grens tussen het Romeinse Rijk en Allemannië. De Romeinen sloten in 328 een verdrag met de Alemannen. De Allemannische krijgers werden in het leger genomen door de Romeinen. In 350 kwam het Romeinse leger in opstand en het verdrag werd verbroken. Deze twee volkeren bleven tot de val van het West-Romeinse Rijk vijanden van elkaar.

Het gebied van de Alemannen werd in de middeleeuwen geheel door het Frankische Rijk veroverd en er bleef alleen nog een kleine provincie die Allemannië heette bestaan, het Allemannische Rijk was ten onder gegaan.

De Familie Zwart vindt één van zijn bronnen in Toxandrië, het huidige Belgisch en Nederlands Brabant, bij de zoon van de Frankische koning Marcomir IV en Athildis Verch Cole, de dochter van Koning Coel I en Ystdrawl verch Gadeon die ook de voorouders van Mietje Visser uit Hoorn zijn.

De zoon van Marcomir IV en Athildis Verch Cole was Koning Childéric der Ost-Franken zijn achter-achterkleinzoon Marcomir de Toxandrie was koning van de verzamelde stammen van Toxandrië. Hij en zijn echtgenote Asina Juliana Nicomacha de Rome waren de ouders van de eerste koning van Alemanië: Chrocus I.

Chrocus was volgens Gregorius van Tours’ “Geschiedenis van de Franken” een beroemde koning, die verantwoordelijk was voor heel wat vernietigingen in geheel Gallië. In 260 leidde hij een opstand van de Alemannen tegen het Romeinse Rijk. Hij doorbrak de Opper-Germaanse Limes en bereikte Clermont-Ferrand en misschien Ravenna, maar moest het onderspit delven in de Slag bij het Gardameer (268). Volgens sommige bronnen sloot hij zich later met zijn troepen aan bij het leger van Constantijn de Grote. In 306 was hij aanwezig bij de dood van Constantius Chlorus in York, Britannia. Hij steunde de proclamatie van Constantijn als nieuwe Romeinse keizer (Epitome de Caesaribus 41).

Na twaalf generaties van Alemanse koningen werd Gruodbert I (Robert I) geboren in het jaar 575 als zoon van Gundelharus von Alemannien en Wulfgurd van Haspengau. Robert I was de Merovingische referendaris van Dagobert I, de laatste machtige koning van de Merovingische dynastie, en zijn zoon Clovis II. Hij was de burgemeester van het paleis van Bourgondië (als Radobertus) van 642-662,  mogelijk die van Neustrië tijdens het interregnum van Ebroin. De Alemannische dynastie verdween door de vele oorlogen, maar door Robert’s moeder Wulfgurd ging de adelijke stand van de familie verder als Heren en graven van Haspengouw.

Robert I was de vader van Lambert I d’Hibaye (Haspengouw), de vader van Chrodbert (Robert) II, de vader van Lambert II, de vader van Robert I d’Hisbaye, de vader van Thuringbert d’Hisbaye, de vader van Robert II d’Hisbaye, de vader van Robert III van Worms, de vader van Robert IV Le Fort (de Sterke), de vader van Robert I (Koning van West-Francië), de vader van Hugo de Grote, de vader van Hugo “Capet” (met de mantel) van Frankrijk.

Robert II van Haspengouw 

(ca. 765 – 12 juli 807) was een zoon van graaf Thuringbert en kleinzoon van Robert I van de Haspengouw  (Hisbaye) en Williswinda.

Hij was graaf van Wormsgouw, Rijngouw en de Haspengouw, en heer van Dienheim, als opvolger van zijn neef Heimrich. Robert was een belangrijke hoveling van Karel de Grote en wordt veel in aktes genoemd. Hij overleed na terugkeer van een missie naar het Midden-Oosten.

Eerste huwelijk met Theoderata (ca. 770 – 789), zij kregen als zoon Robert van Worms, de oudst bekende voorvader van de Robertijnen. Tweede huwelijk met ene Isengarde.

Robert III van Worms 

(voor 790 – voor 834), ook Rutpert, was een zoon van Robert van Haspengouw, uit het bekende geslacht der Robertijnen. Robert was in 807 graaf van de Wormsgouw en de Oberrheingau, keizerlijk gezant in Mainz en een vooraanstaand hoveling van Lodewijk de Vrome.

Hij was gehuwd met Waldrada van Orléans, erfdochter van graaf Hadrianus van Orléans (en daardoor kleindochter van Gerold van Vintzgouw) en Waldrada van Hornbach. Zij erfde in 822 omvangrijke goederen in de omgeving van Orléans. 19 december 834 deed Waldrada samen met haar zoon Guntram een schenking voor het zielenheil van Robert aan de Abdij van Lorsch.

Robert en Waldrada waren ouders van:

  • Oda, gehuwd met Werner, graaf van de Wormsgouw
  • Guntram
  • dochter, gehuwd met Megingoz I, graaf van de Wormsgouw
  • Robert de Sterke (ca. 820-866).

Robert IV Le Fort (de Sterke)

(ca. 820 – Brissarthe, 2 juli 866), was hertog in Neustrië. Zijn familie staat bekend als de Robertingen of Robertijnen en is naar hem genoemd. Zijn bijnaam “de Sterke” werd hem gegeven vanwege zijn militaire successen, vooral tegen de Vikingen.

Robert was een zoon van Robert van Worms en Waldrada van Orléans. Robert was graaf van de Wormsgouw als opvolger van zijn broer Guntram. In 840 trok hij naar de omgeving van Orléans om de familiegoederen van zijn overleden moeder te gaan beheren. Als buitenstaander zou hij zich ontwikkelen tot een belangrijke medestander van Karel de Kale tegen de lokale aristocratie. Hij werd benoemd tot markgraaf van Neustrië, ter verdediging tegen Bretagne en de Vikingen.

In 852 werd Robert ook lekenabt van Marmoutier en een jaar later was hij als zendgraaf in Maine, Anjou en Touraine. In 855 werd hij benoemd tot hertog van het gebied tussen de Seine en de Loire. Toen Karel een jaar later zijn zoon Lodewijk de Stamelaar tot onderkoning in Neustrië benoemde, betekende dat een gevoelig verlies voor Robert. Karel compenseerde hem met de graafschappen Autun en Nevers. In 857 verdedigde Robert Autun tegen Lodewijk de Duitser, die probeerde te profiteren van het overlijden van Lotharius I.

Robert gaf in 858 leiding aan een coalitie van edelen uit Bretagne en Neustrië die Lodewijk de Duitser vroeg om koning van West-Francië te worden. Deze poging mislukte echter. Robert wist zich op tijd weer te verzoenen met Karel en werd in 861 beloond met het graafschap Anjou. Toen Lodewijk de Stamelaar in 862 in opstand kwam tegen zijn vader, bleef Robert trouw aan Karel. Hij vocht tegen Lodewijk en tegen zijn bondgenoten: hertog Salomon van Bretagne en Pepijn II van Aquitanië. Zowel Robert als Salomon huurden Vikingen in om hun legers te versterken. Deze gevechten bleven de volgende jaren voortduren. Ook moest Robert in 863 wederom Autun verdedigen tegen Lodewijk de Duitser, die nu probeerde te profiteren van de dood van Karel van Provence.

In 866 kwam Robert in actie tegen een inval van de Vikingen. De Vikingen verschansten zich in een kerk in Brissarthe. Omdat Robert dacht dat er een pauze in de gevechten was, trok hij zijn zware wapenrusting uit. Toen de Vikingen een snelle uitval deden was hij onbeschermd en kon makkelijk worden gedood.

De naam van de vrouw van Robert is niet overgeleverd uit historische bronnen. Vaak wordt Adelheid (geb. ca. 820) genoemd, dochter van Hugo van Tours en weduwe van Koenraad I van Auxerre (overleden in 862). Aangezien Robert al kinderen had in 862, zou Adelheid zijn tweede vrouw zijn geweest. Adelheid moet in 862 al ouder zijn geweest dan 40, en zou toch nog twee kinderen met Robert hebben gekregen. De Franse genealoog Christian Settipani heeft vastgesteld dat de bron van de identificatie van Roberts vrouw teruggaat tot het onbetrouwbare twaalfde-eeuwse werk Chronicle of Saint-Benigne de Dijon die een samenvoeging bevat van Alberic of Trois-Fontaines. Het werk Europaische Stammtafeln identificeert Roberts vrouw als ene Agane.

Kinderen uit het mogelijke eerste huwelijk met Agane:

  • zoon, erft het bezit in Bourgondië (866)
  • Richildis, getrouwd met Theobald graaf van Tours.

Kinderen die Adelheid als moeder zouden hebben:

  • Odo (865-898)
  • Robert (866-923)

Volgens Foundation for Medieval Genealogy zijn deze zoons vermoedelijk voor 862 geboren. Odo en Robert werden allebei koning van West-Francië.

Robert I van West-Francië

Robert I werd in 866 geboren als postume zoon van Robert de Sterke, graaf van Anjou en Adelheid van Tours. Hij was de broer van Odo, die in 888 tot koning van West-Francië werd gekozen. Na verloop van tijd evolueerde West-Francië naar het Koninkrijk Frankrijk; en onder Odo werd de koninklijke hoofdstad in Parijs vastgesteld. Robert en Odo kwamen uit de Robertiaanse dynastie waaruit de Capetiaanse dynastie groeide. 

In 885 nam Robert deel aan de verdediging van Parijs tijdens het beleg van Parijs door de Vikingen. Hij werd door Odo aangesteld als heerser van verschillende graafschappen, waaronder het graafschap Parijs, en abt in commendam van vele abdijen. Robert verzekerde zich ook van het ambt van Dux Francorum, een militaire waardigheid van groot belang.

Hij maakte geen aanspraak op de kroon van West-Francië toen zijn broer in 898 stierf door in plaats daarvan de suprematie van de Karolingische koning, Karel de Eenvoudige, te erkennen. Karel bevestigde Robert vervolgens in zijn ambten en bezittingen, waarna hij het noorden van Francië bleef verdedigen tegen de aanvallen van de Vikingen. Robert versloeg in 921 een grote groep Vikingen in de Loire-vallei, waarna de verslagen indringers zich tot het christendom bekeerden en zich in de buurt van Nantes vestigden.

De vrede tussen koning Karel de Eenvoudige en zijn machtige vazal werd pas rond 921 ernstig verstoord toen Karels bevoordeling van Hagano tot opstand leidde. Gesteund door een groot deel van de geestelijkheid en door enkele van de machtigste Frankische edelen, nam Robert de wapens op, dreef Karel naar Lotharingen en werd zelf op 29 juni 922 in Reims tot koning van de Franken (rex Francorum) gekroond.

De heerschappij van Robert werd betwist door de Vikingleider Rollo, die zich in 911 met toestemming van Karel de Eenvoudige in het hertogdom Normandië had gevestigd. Tijdens het bewind van Robert bleef Rollo trouw aan Karel, die zijn afzetting bleef betwisten. Karel verzamelde een leger en marcheerde tegen Robert, en op 15 juni 923 in de Slag bij Soissons werd Robert gedood. Zijn leger won echter de slag en Karel werd gevangengenomen. Karel bleef gevangen tot aan zijn dood in 929.

Bij de dood van Robert I, in de slag bij Soissons in 923, weigerde Hugo de kroon en ging deze naar zijn zwager Rudolph.

Hugo De Grote

Bij de dood van Rudolph in 936 was Hugo in het bezit van bijna het hele gebied tussen de Loire en de Seine, overeenkomend met het oude Neustrië, met uitzondering van Anjou en van het gebied dat in 911 aan de Noormannen was afgestaan. Hij nam een zeer actieve rol bij het halen van koning Louis IV (d’Outremer) uit het Koninkrijk Engeland in 936.

Historici hebben zich afgevraagd waarom de machtige Hugo de Grote de jonge Lodewijk op de troon riep in plaats van deze zelf te nemen, zoals zijn vader vijftien jaar eerder had gedaan. Ten eerste had hij veel rivalen, vooral Hugo, hertog van Bourgondië (de broer van koning Rudolf) en Herbert II, graaf van Vermandois, die waarschijnlijk zijn verkiezing zouden hebben aangevochten. Maar bovenal lijkt het erop dat hij geschokt was door de vroege dood van zijn vader. 

In 937 stierf Hugo’s tweede vrouw, Eadhild. Later dat jaar trouwde hij met Hedwige van Saksen, een dochter van koning Hendrik de Vogelaar van Duitsland en Mathilde. Kort na zijn derde huwelijk raakte hij verwikkeld in een langdurige ruzie met Lodewijk IV.

In 938 begon koning Lodewijk IV forten en landerijen aan te vallen die voorheen in handen waren van leden van zijn familie, waarvan sommige in handen waren van Herbert II van Vermandois. In 939 viel koning Lodewijk Hugo de Grote en hertog Willem Langzwaard van Normandië aan, waarna een wapenstilstand werd gesloten, die tot juni duurde. Datzelfde jaar bracht Hugo, samen met graaf Herbert II van Vermandois, graaf Arnulf I van Vlaanderen en hertog Willem Langzwaard hulde aan keizer Otto de Grote en steunde hem in zijn strijd tegen Lodewijk. 

Toen Lodewijk in 945 in handen van de Noormannen viel, werd hij overgedragen aan Hugo in ruil voor hun jonge hertog Richard. Hugo liet Lodewijk IV in 946 vrij op voorwaarde dat hij het fort van Laon zou overgeven. In 953 sloot Hugo uiteindelijk vrede met Lodewijk IV, de kerk en zijn zwager Otto de Grote.

Na de dood van Lodewijk IV was Hugo een van de eersten die Lotharius als zijn opvolger erkende, en door tussenkomst van Lotharius’ moeder, Gerberga van Saksen, speelde hij een belangrijke rol bij de kroning van Lotharius. Als erkenning voor deze dienst werd Hugo door de nieuwe koning bekleed met de hertogdommen Bourgondië en Aquitanië. 

In hetzelfde jaar erkende hertog Gilbert van Bourgondië zichzelf echter als zijn vazal en verloofde hij zijn dochter met Hugo’s zoon Otto-Hendrik. Bij de dood van Giselbert (8 april 956) werd Hugo effectief meester van het hertogdom, maar op 16 juni stierf Hugo in Dourdan.

Hugo Capet

ca. 940 Parijs – Les Juifs bij Chartres, 24 oktober 996) was koning van Frankrijk van 987 tot 996. Zijn bijnaam Capet betekent “een mantel dragend” en werd hem waarschijnlijk gegeven ter onderscheid van zijn vader Hugo de Grote.

Hugo de Grote was in zijn tijd de machtigste man van Frankrijk, zelfs machtiger dan de koning. Bij de dood van zijn vader erfde Hugo Capet de meeste van zijn bezittingen en titels: Hugo werd hertog van de Franken (Neustrië), graaf van Parijs, Orléans, Poitou, Tours, etc. en lekenabt van o.a. Saint-Martin te Tours, Saint Germain te Auxerre, Saint Aignan te Orléans, Saint-Quentin en Sint-Vaast. Zijn broer Otto werd bovendien hertog van Bourgondië. De paus noemde hem de “glorierijke prins van de Franken”.

Omdat Hugo nog minderjarig was traden zijn moeder Hedwig van Saksen en zijn oom Bruno, aartsbisschop van Keulen, op als regent. Zij waren zuster en broer van keizer Otto I de Grote.
De machtige Franse edelen maakten gebruik van Hugo’s minderjarigheid door hun positie ten koste van hem te versterken, bv: Willem III van Aquitanië die de Poitou tegen Hugo wist te behouden, Theobald I van Blois die Chartres en Châteaudun verwierf, en Fulco II van Anjou die de omgeving van Nantes in handen kreeg.

Ca. 968 verbeterde Hugo zijn betrekkingen met Willem IV van Aquitanië door met diens zuster te trouwen. In 978 beschermde Hugo koning Lotharius van Frankrijk in Étampes en verdedigde Parijs tegen Otto II, nadat Lotharius een riskante plundertocht naar Aken had ondernomen.

Hugo was een bondgenoot van aartsbisschop Adalbero van Reims, die bang was dat Frankrijk een vazalstaat van Duitsland zou worden. In 981 veroverde Hugo Montrieul, ook bezocht hij in dat jaar Otto II in Rome. In 986 klaagde Lotharius Adalbero aan wegens hoogverraad. Hugo bestormde de rechtszitting en de koning kwam daarbij om het leven. Dit bleef zonder gevolgen voor Hugo.

Na de onverwachte dood van Lotharius’ zoon Lodewijk de Doeniet in 987, hij stierf kinderloos na een jachtongeval, werd Hugo op 3 juli 987 te Senlis tot koning gekozen. Adalbero steunde hem met de volgende argumentatie: “Het koningschap krijgt men niet op grond van erfrecht; men moet slechts hem op de troon verheffen, die zich zowel door zijn lichamelijke welgeschapenheid als door zijn geestelijke wijsheid onderscheidt, die door het geloof gesterkt en door grootmoedigheid gesteund wordt…” Hugo werd in Noyon of Reims gekroond en liet nog op 30 december 987 zijn zoon Robert II tot medekoning kronen, een poging om zijn opvolging te verzekeren.

Adelheid van Aquitanië

Hij was gehuwd met Adelheid van Aquitanië (952-1004), dochter van Adelheid van Normandië  en van Willem III van Aquitanië graaf van Poitiers van 934 tot 963, en hertog van Aquitanië van 928 tot 963.

Zij hadden vier kinderen:

  • Gisela, gehuwd met Hugo, zoon van Hilduinus III van Montreuil.
  • Hedwig, gehuwd met Reinier IV van Henegouwen.
  • Robert II, die zijn vader  opvolgde. 
  • Adelheid.

Mogelijk had Hugo nog een buitenechtelijke zoon Gauzelin (ovl. 1030), abt van de abdij van Fleury en door Robert II benoemd tot aartsbisschop van Bourges.

Robert II “De Vrome” De France

geboren 27 maart 972 Orléans, – overleden 20 juli 1031 Melun) Was koning van Frankrijk van 996 tot aan zijn dood. Robert was zoon van koning Hugo Capet. Hij kreeg een voor die tijd bijzonder goede opvoeding, zijn leraar was Gerbert van Aurillac, de latere paus Silvester II. Daardoor had Robert een voorliefde voor muziek, dichtkunst en religie. Doordat hij tijdens zijn regering bovendien streng optrad tegen ketters, kreeg hij de bijnaam “de Vrome”. In 987 werd Robert gekroond tot medekoning naast zijn vader, om zijn kansen voor de opvolging zo groot mogelijk te maken.

Robert wilde trouwen met Bertha van Bourgondië maar omdat ze verwant waren in de zesde graad, was dit tegen de wetten van de kerk en Hugo weigerde daarom in dit huwelijk in te stemmen. In plaats daarvan probeerde Hugo om Robert met een Byzantijnse te laten trouwen en toen dat niet lukte arrangeerde hij in 989 een huwelijk met de ongeveer 20 jaar oudere Suzanna van Italië. Zij was weduwe van Arnulf II van Vlaanderen en moeder van de minderjarige Boudewijn IV van Vlaanderen. Door dit huwelijk kreeg de kroon een sterke invloed in een van de grote graafschappen van het koninkrijk, bovendien bracht zij Montreuil (Pas-de-Calais) en Ponthieu in als bruidsschat. 

Als kroonprins speelde Robert een actieve rol. Hij nam deel aan de gevechten tegen Karel van Neder-Lotharingen om Laon. In 991 verhinderde hij Franse bisschoppen om deel te nemen aan een synode in Mousson, dat toen in Duitsland lag. In 991 en 994 was hij voorzitter van concilies in Frankrijk. In 996 overleed zijn vader en werd Robert koning. Robert scheidde direct van Suzanna om te kunnen trouwen met Bertha, die inmiddels weduwe was van Odo I van Blois. Wel behield hij de bruidsschat van Suzanna, zogenaamd om die voor haar te beheren. Wegens de bloedverwantschap met Bertha en de onwettige scheiding van Suzanna, stond Robert onder grote druk van de kerk om zijn huwelijk met Bertha te ontbinden.

Toen hij bleef weigeren, werd het echtpaar uiteindelijk geëxcommuniceerd door paus Gregorius V.

Robert volhardde zijn verzet tegen de kerk en bleef getrouwd met Bertha tot 1003. Toen wilde hij hethertogdom Bourgondië rechtstreeks aan de kroon brengen en was de excommunicatie een te grote politieke handicap. Na onderhandelingen met paus Silvester II, zijn oude leermeester, scheidde hij van Bertha en trouwde met Constance van Arles. De excommunicatie werd ongedaan gemaakt. Zijn politieke en militaire pogingen om de macht in Frans Bourgondië direct in handen te krijgen, mislukten echter door de tegenstand van de lokale adel en bisschoppen. Robert zette naast zijn huwelijk zijn relatie met Bertha gewoon voort. Het hof werd daardoor verdeeld en twee vijandige kampen. Het huwelijk met Constance zorgde wel voor erfgenamen maar was verder een grote mislukking.

In 1005 veroverde Robert Auxerre, in 1015 volgde Sens en in 1016 had Robert eindelijk het hertogdom Bourgondië in handen. In deze periode trok Robert samen met Bertha naar Rome, om hun zaak bij de paus te bepleiten maar die wilde niet toestemmen in een hernieuwd huwelijk.

In 1020 overleed Steven I van Champagne en probeerde Robert om diens graafschappen aan de kroon te laten vervallen. Robert kwam daardoor in conflict met Stevens erfgenaam (en Bertha’s zoon) Odo II van Blois. In 1023 moest Robert uiteindelijk toestaan dat Odo Stevens graafschappen in bezit nam. Robert sloot daarop direct een bondgenootschap met keizer Hendrik II om Odo’s macht te beteugelen. Dit had enig succes want Odo moest Reims opgeven aan de bisschop en hij moest Dreux overdragen aan Robert. Na de dood van Hendrik kwam Robert in 1024 tot een vergelijk met Odo en steunde hij de tegenstanders van Koenraad II de Saliër. Een poging om Metz te veroveren mislukte. Een aanbod om koning van Italië te worden sloeg hij af. In de laatste jaren van zijn leven was Robert in open oorlog met zijn zonen Hendrik en Robert, die door hun moeder werden gesteund. Tijdens de burgeroorlog tegen zijn eigen zonen stierf Robert II op 20 juli 1031 bij Melun. Hij werd begraven in de kathedraal van Saint-Denis en uiteindelijk werd hij opgevolgd door zijn zoon Hendrik I.

Robert II trouwde driemaal:

  • 989 – Suzanna van Italië. Geboren in 945, overleden te Gent op 26 januari 1003. Weduwe van Arnulf II van Vlaanderen en dochter van Berengarius II koning van Italië (950-963), en van Willa van Toscane. Dit huwelijk bleef kinderloos, waardoor Robert II dit huwelijk verwierp in 991/992.
  • 996 – Bertha, dit huwelijk was kinderloos.
  • 1003 – Constance Taillefer d’Arles, dochter van dochter van Willem I van Provence en van Adelheid van Anjou


Robert en Constance hadden de volgende kinderen:

  • Constance, gehuwd met Manasses van Dammartin-en-Goële .
  • Hedwig. 
  • Hugo. In 1017 gekroond tot medekoning en later in opstand om een volwaardige functie op te eisen maar verzoende zich later met zijn vader.
  • Henri. Was koning van Frankrijk van 1031 tot zijn dood.
  • Robert I van Bourgondië, bijgenaamd de Oude, hertog van Bourgondië.
  • Odo. Steunde zijn broer Robert tegen zijn broer Hendrik maar werd in 1041 verslagen en gevangengenomen. Hij vocht later voor Hendrik tegen Normandië maar werd in 1054 verslagen.
  • Adela. Huwde met hertog Richard III van Normandië en met graaf Boudewijn V van Vlaanderen.

Henri I De France

(4 mei 1008 – 4 augustus 1060, Vitry-en-Brie). Henri werd in 1016, nog als kind, door zijn vader Robert II van Frankrijk benoemd tot hertog van Bourgondië. Toen zijn oudste broer Hugo in 1025 was overleden en Henri kroonprins werd, was hij ontevreden omdat hij van zijn vader geen wezenlijke rol in het bestuur kreeg.  Henri kwam daarom samen met zijn broer Robert, en met steun van hun moeder, in 1025 in opstand tegen zijn vader.

Henri wist Dreux, Beaune en Avallon te veroveren. Uiteindelijk werd een compromis bereikt en staakten de broers hun opstand, Henri werd op 14 mei 1027 te Reims tot medekoning gekroond.

Na het overlijden van zijn vader werd Henri koning van Frankrijk. Hij kreeg direct te maken met een opstand van zijn broer Robert en zijn moeder. Met de steun van keizer Koenraad II de Saliër en hertog Robert de Duivel van Normandië wist hij echter zijn positie te behouden. In 1032 gaf Robert zijn aanspraken op de troon op, in ruil voor het hertogdom Bourgondië. Henri had in 1033 een bespreking met Koenraad te Deville. Daarbij gaf Henri zijn aanspraken op het koninkrijk Bourgondië op ten gunste van die van Koenraad. Ook verloofde Henri zich met Koenraads dochter Mathilde. Later in dat jaar steunde Henri Koenraad daadwerkelijk tegen Odo II van Blois die probeerde om koning van Bourgondië te worden. In 1034 overleed Mathilde onverwacht op jonge leeftijd. Datzelfde jaar trouwde Henri met een andere Mathilde, dochter van Koenraads stiefzoon Liudolf van Brunswijk.

Henri’s verdere regering werd bepaald door de opkomende macht van Normandië en diplomatie met Duitsland. In 1043 was een eerste bespreking met keizer Henri III te Carignan (Ardennes), over diens huwelijk met Agnes van Poitou. In 1048 was er een tweede bespreking met Henri te Carignan. Een jaar later kwam Henri in conflict met de paus. Henri verbood zijn bisschoppen om een concilie te Reims bij te wonen maar de bisschoppen die hem gehoorzaamden werden afgezet of geëxcommuniceerd. In 1056 had Henri een derde bespreking met keizer Henri te Carignan. Hierbij maakte Henri aanspraken op hertogdom Lotharingen en daagde de keizer zelfs uit tot een tweegevecht om de kwestie te beslissen. Keizer Henri vertrok echter bij nacht in het geheim uit Carignan, en bleef gewoon leenheer van Lotharingen.


Henri steunde in 1047 nog de jonge Willem de Veroveraar, zoon van zijn oude bondgenoot Robert, tegen zijn opstandige vazallen in de slag bij Val-ès-Dunes bij Caen. Hierdoor wist Willem definitief het gezag over zijn hertogdom te vestigen. Na zijn huwelijk met Mathilde van Vlaanderen, werd Willems positie echter zo sterk, dat hij een bedreiging werd voor Henri.

In 1054 trok Henri op tegen Normandië, maar werd verslagen toen de Normandiërs bij nacht het Franse kamp bij Mortemer (Seine-Maritime) overvielen. In 1057 deed Henri een tweede poging om Willem te onderwerpen, maar bij Varaville werd Henri door Willem verslagen, doordat die handig gebruik wist te maken van de rivier en het moeras in het landschap.

In 1059 liet Henri zijn zoon Filips tot mede-koning kronen. In 1060 stichtte hij een kapittel van Sint Maarten in Parijs. Henri stierf op 4 augustus 1060 in Vitry-en-Brie. Hij werd begraven in de kathedraal van Saint-Denis. Henri werd opgevolgd door zijn zoon Filips, die toen 8 jaar oud was. Henri’s weduwe, Anna van Kiev, was zes jaar lang regent.

Hij was als 1e gehuwd met In 1034 met Mathilde van Friesland.

Anna van Kiev

Op 19 mei 1051 trouwde hij zijn 2e vrouw prinses Anna van Kiev (1024-1075). Zij was de dochter van Yaroslav de Wijze van Kiev  en Ingegerd van Zweden.

Kinderen uit het tweede huwelijk:

  • Filips I van Frankrijk. 
  • Hugo I van Vermandois. Hij was getrouwd met Adelheid.
  • Robert.
  • Emma.

Door Eric