De echtgenote van Jonas á Welt was Sara Tobias Venhuizen. Zij werd geboren op 23 maart 1656 en overleed rond 1674. Haar leven was dus kort, maar haar stamreeks gaat ver terug, tot zo’n 2000 jaar voor Christus. Althans, als je Eurazische mythes serieus neemt.
Ergens in de oudheid leefde een voorvader van Sara Venhuizen. Zijn naam was Sem en hij was ook een zoon van Noah (van de Ark en de zondvloed). Als je de stamreeks van Noah terugzoekt kom je uiteindelijk uit bij Adam en Eva. In de eeuwen naar Sara Venhuizen kom je vele bekende Bijbelse namen tegen: Abraham, Isaac, Jacob, Egyptische Faraos. Allemaal nazaten van Sem en dus semieten. Joden, Arabieren (Moslims), Christenen, allemaal semieten. Als je een religie aanhangt: houden zo en dan is het vanzelfsprekend dat je van Noah en van Adam afstamt. Als je géén religie aanhangt dan weet je wel beter. Ooit probeerde een wijs en vooraanstaand man zijn volgelingen antwoord te geven op de vraag “waar komen mensen toch vandaan?”. Het antwoord waren de mythes van Adam en Eva en van de Ark van Noah.
De Mytische voorouders van Sara
- Noah ben Lamech Elda (2948 bce-1994bce) + Emzara Maamah bint Rakeel Elda (2744 bce-2116 bce), de ouders van
- Elam ben Shem (2399 bce-1841 bce) + Eliakim ben Mathusala
- Arphaxad ben Shem (2342 bce-1903 bce) + Rasu Eja
- Shelag (Salah) ben Arphaxad, koning van Babylon (2307 bce-1989 bce) + Mauk Mu Ak bint Kesed
- Eber ben Salah (2277 bce – 1813 bce), koning van Babylon en Chaldea. ook bekend als koning Ibiranu I van Ugarit, ook bekend als Hud, vierde profeet van de Islam + Azurad bint Nimrod
- Peleg (Falikh) ben Eber (2243 bce-1996 bce), koning van Babylon + Lamnar DeShinar
- Ragau Rau Lagash Mesopotamia (1789 bce-1974 bce, overleden in de Franse Pyreneeën) + Ora Bat Ur
- Serug (Sargun, Sarug, Saragh, Saruch) (1817 bce-1951 bce), koning van Ur (Pyreneeën) + Mêlkâ van Ur
- Nahor ben Serug (2149bce-2003 bce) + Iyoska Nesteg
- Terah Ben Nahor + Maria Loiterer
- Abraham ben Terah + Sarah bint Haran
- Isaac ben Abraham + Rebekah bint Bethuel

- Jacob Israel Ben Isaac + Leah bint Laban
- Judas ben Jacob + Tamar bat Atlas
- Zerah bin Judah + Electra One Pleiades
- Darda (Dardanus) ben Zerah + Batea (Basia, Asia) Teucri
- Tros-Erichthonius Illium + Astyoche Illium Acadia
- Tros Acadia Dardania van Troye + Callirhoe Ilium
- Ilus van Troye + Eurydice Amythaon
- Laomedon van Troye + Strymo Placia bint Scamander
- Tithonus van Troye + Aurora van de dageraad
- Memnon (Munon) van Troye en Ethiopië + Trojans van Troye
- Trots van Thracië + Sibil van Thracië
- Loridi (Vingeher, Hiloritha) Trorsson + Sibil
- Einridi (Einrida, Eindrida, Eredei) Loridesson + ????
- Vingethor (Vingethior) Einridisson
- Vingener (Vinginer) II Vingethorsson + Astyoche van Acadia II
- Moda (Mode) Vingenersson van Troye + Sceldwa van Troye
- Mogi Modasson van Troye + Einridi van Troye
- Danus I Seskef van Denemarken
Of zal het toch…?
Danus I was de eerste koning en grondlegger van Denemarken. Eeuwenlang refereerden de Denen aan deze geschiedenis van hun natie. Pas toen de onderwijsfilosofie van Duitse scholen tot hun land doordrong, gooiden de Denen de vroege geschiedenis van hun natie weg. Moderne historici, doordrongen van het idee dat het vertellen van mythes de enige manier was om geschiedenis door te geven, behandelen de hele Deense geschiedenis als mythe. Ze hebben nooit onderzocht of het zo was. natuurlijk werd de mythe in de Middeleeuwen verweven in de vroege geschiedenis van Denemarken. Dat bewijst echter niet dat de essentiële kern van de vroege Deense geschiedenis ongeldig is. Tegenwoordig werken historici met de waan dat de geschiedenis kunstmatig is gecreëerd nadat de traditionele mythologie al lang was gevestigd. Dat is niet helemaal waar. Opgeschreven en traditionele geschiedenis werd over de hele wereld zorgvuldig bewaard in paleizen en koninklijke archieven.
De meest toegankelijke schets van de Deense geschiedenis is die in Andersons ‘Royal Genealogies’. Veel andere delen dragen bij aan het verhaal, maar alleen het werk van Anderson behoudt correct in het Engels de chronologie van de vroege periode.
De Deense geschreven geschiedenis begint eigenlijk met de eerste koning die heerschappij over het Deense of Cymbrische schiereiland heeft. Die koning was Danus I. In de Deense geschiedenis wordt hij ook wel Dan I genoemd. Hij was de eerste Odin of Votan – van het Hebreeuwse ‘adonai’, wat ‘heer’ betekent. Dus niet te verwarren met de mythische Noorse God Odin.

Denemarken kreeg oorspronkelijk zijn naam van de stam van de Danaan. Het ging over op de koning die de naam aannam van de onderdanen over wie hij regeerde. Koning Dan I begon zijn bewind in 1040. Dit was het jaar van het uiteenval van het Duitse rijk. De verdeling van het Duitse grondgebied tussen de drie zonen van Wolfheim – Kells, Gall en Hiller – liet de zeevarenden van het verre noordwesten van Europa achter zonder leiderschap. Om de leegte op te vullen riepen de Duitse en Hebreeuwse inwoners van Denemarken de telg van het Trojaanse Huis op om over hen te regeren. Die telg was Dan I. Hij woonde destijds in Thracië.
Thracië is een gebied in het zuidoosten van Europa. Het ligt in het noordoosten van Griekenland, het zuiden van Bulgarije en in Europees Turkije en wordt begrensd door de Zwarte Zee, Egeïsche Zee en de Zee van Marmara. Het gebied was van groot strategisch belang en heeft dan ook vele heersers en net zoveel oorlogen gekend.
De huidige koningen van Noordwest-Europa en Groot-Brittannië zijn allemaal verwant aan Dan I van Denemarken. De ‘Saxon Chronicle’ begint de lijn van Dan I met de volgende twee namen: ‘Noah, Sem.’ Daarna vindt er een lange pauze plaats in de genealogie – vergelijkbaar met de Bijbelse uitspraak: ‘Jezus Christus, de zoon van David, de zoon van Abraham’ (Mattheus l:l).
Dit gat in de genealogie van Odin wordt gedeeltelijk opgevuld door de IJslandse ‘Langfedgatal’. Na Sem geeft de ‘Langfedgatal’ de volgende genealogie aan Odins vaders kant:
- Saturnus van Krit
- Jupiter
- Darius
- Erichhonius
- Troes
- Ilus
- Lamedon
- Priam, Koming van Troye
- Minon of Memnon, die met Priam’s dochter trouwde. Hun zoon was Tror, de vader van Hloritha, die Scandinavië Thor wordt genoemd.
- Thor
- Einridi
- Vingethorr
- Vingener
- Fashion
- Magi
- Seskef, or Sescef.’
In de Deense literatuur is Seskef – soms gespeld als Sceaf – een titel van Odin. Het betekent een ‘scaf’ van graan. Odin beweerde een soort redder te zijn, of een heer. Hij beweerde de schof te zijn die symbolisch de Messias vertegenwoordigde (Leviticus 23:9-14). Maar waarom zou Dan I, een koning van Denemarken, een ceremonie kopiëren die wordt bestendigd door de wet van Mozes? Is er een verband tussen Odin en Israël?
Het antwoord is te vinden in wie Saturnus van Krit, voorouder van Odin, werkelijk was. In het moderne Engels zou de naam ‘Saturnus van Kreta’ zijn. Er waren veel Saturnuss in de oudheid, vaak verward met elkaar. Meestal werd de naam toegepast op een man die vlucht of zich verstopt.
Saturnus is een Latijns woord dat is afgeleid van een bronwoord dat betekent om te vluchten naar de schuilplaats. De Griekse term was Kronos. Deze specifieke Saturnus van Kreta was zo beroemd dat de Fenicische historicus Sanchoniathon over hem sprak. Fragmenten van zijn werken zijn bewaard door Eusebius in ‘Preparation of the Gospel’, boek i, ch. x. Hier zijn zijn woorden: ‘Voor Kronus of (Saturnus), die de Feniciërs Israël noemen ….’ (‘Corey’s Ancient Fragments of the Foenician, Carthagian, Babylonian, Egyptian and other Authors’, door E. Richmond Hodges, pagina 21.)
Israël was de naam van Jacob. Dat zou Odin een zoon van Shem en een zoon van Jacob maken. Maar waarom werd Jacob Saturnus genoemd? Omdat Jacob beroemd werd door te vluchten of zich te verstoppen voor zijn vijanden. Jakobs moeder waarschuwde hem voor de toorn van zijn broer Esau: ‘Nu, daarom, mijn zoon, luister naar mijn stem; en sta op, vlucht naar Laban, mijn broer in Haran’ (Genesis 27:43). ‘En Laban werd verteld … dat Jacob was gevlucht’ – deze keer terug naar Palestina. (Gen. 31:22).
Maar hoe kan men de titel van Kreta in Jacobs naam verklaren? Jacob had er zeker geen recht op voordat hij naar Egypte afdaalde. Het antwoord is, Jacob heeft het van Farao in Egypte verkregen. Egypte was een enorme mediterrane macht in de tijd van Jakob. Een van de gebieden die vroeg door Egyptenaren werden bewoond, was het eiland Kreta, een belangrijke marinepoort in de Middellandse Zee. Van Kreta — Caphtor in het Hebreeuws – kwamen de Filistijnen (Jer. 47:4 en Amos 9:7). De Filistijnen stammen af van Mizraim, vader van de Egyptenaren (Gen. 10:13-14). Het regeren over de Egyptenaren en Filistijnen op Kreta en de oostelijke Nijldelta was een weinig bekende dynastie van Egyptische koningen. Ze worden genoemd in het ‘Boek van Sothis’ van Sncellus.
De koning van deze dynastie, die onderworpen was aan de jurisdictie van de grote farao in Egypte, was Rameses (l744-1715). Vanwege de dienst van Jozef aan de Egyptische regering, droeg de farao de primaire titel van het land over van de lijn van Rameses naar de lijn van Israël – en dat omvatte niet alleen Goshen, maar ook Kreta! En dat is hoe Israël (Jacob) in de oudheid de titel van het eiland Kreta verkreeg.
De ‘Langfedgatal’ genealogie van Odin van Denemarken kan daarom als volgt worden verduidelijkt:
- Saturnus van Krit — Israël of Jacob (1856-1709)
- Jupiter, zoon van Saturnus van Krit — Juda
- Darius, afstammeling van Jupiter (Judah) — is Dara of Darda (zie de familienaam in I Kronieken 2:4,6); Josephus noemt hem Dardanus (1477-1412); hij vluchtte uit Italië en stichtte Troje (de Noorse genealogie slaat de namen van Tarah en Mahol over tussen Juda en Darda)
- Erichhonius — Ericthonius (1412-1366), tweede koning van Troje
- Troes — Tros (1366-1326), derde koning van Troje
- Ilus — Illus (1326-1277), vierde koning van Troje
- Lamedon — Laomedon (1277-1233), vijfde koning van Troje
- Priam — Priamus (1233-1181), koning van Troje tijdens de eerste Trojaanse oorlog.
Achtste in afstamming van Priam was Seskef, die Danus I of Odin (Votan) was, de eerste koning van Denemarken – 1040-999. Odin was een Hebreeuw, van de lijn van Juda, van wie de belangrijkste heersers zouden komen. ‘Want Juda overheerste boven zijn broeders, en van hem kwam de opperheerser’ (I Chron. 5:2).
Bedenk nu over wie Odin regeerde in Noordwest-Europa: Het rijk van koning Danus strekte zich tot ver buiten het bereik van het Deense schiereiland uit. De mensen over wie hij regeerde waren een verzameling stammen die de grootste zeemacht van die tijd vormden – de Pelasgiërs of zeemensen. Uit de lijst van zeemachten, besproken in deel I van het Compendium, wordt bewezen dat de Pelasgiërs Hebreeën en hun bondgenoten waren. Hun belangrijkste bewoningscentrum was Palestina. Denemarken was een van de verschillende overzeese nederzettingen. Israël kreeg de macht in 1057, kort voor het uiteenval van Duitsland in Europa. Ze behielden het tot 972, toen het koninkrijk van Salomo in Palestina werd opgesplitst. Dat de Israëlieten in 1057 de heerschappij over de zee hebben verkregen in de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan veronderstelt dat ze al voor die datum langs de westelijke kusten van Europa woonden.
Wanneer en hoe migreerden de Kinderen van Israël naar West-Europa? Het antwoord is te vinden in de Cymbrische of Welshe geschiedenis. Een fragmentarische Welshe plaat, de Welshe Triade genaamd, luidt als volgt: ‘Eerst was het ras van de Cymry, die met Hu Gadarn naar Ynys Prydain kwam.’ Hu kwam uit ‘het land van de zomer’ – een land ergens in wat later het rijk van Constantinopel vormde (de hoofdstad van het Oost-Romeinse Rijk). Hij reisde naar Ynys Pridain – de Welshe naam van het eiland Groot-Brittannië. Deze eerste grote nederzetting ging vooraf aan de migratie in 1149 van Brutus van Troje naar Groot-Brittannië.
Wie was Hu Gadarn? Gadarn is een Welsh woord. Het betekent de ‘Machtige’. Hu was een korte vorm van de oude Keltische naam Hesus (‘Origines Celticae’, door Edwin Guest, vol. 2, p. 9). Hesus is de Keltische – en ook de Spaanse – uitspraak van Jezus. Was er een beroemde ‘Jezus’ die eeuwen voor de tijd van Jezus de Christus in het zwoele zomerland van de oostelijke Middellandse Zee leefde? Zeker! Het is te vinden in Hebreeën 4:8, ‘Want als Jezus, Jozua) hun rust had gegeven, dan zou hij daarna niet van een andere dag gesproken hebben.’
Jezus was slechts de Griekse vorm van de Hebreeuwse naam Jozua. Hu of Hesus de Machtige was Jozua de Machtige, de grote generaal die Israël naar Palestina leidde. En de Welshe Triade meldt dat hij zich in zijn latere jaren ook vreedzaam Israël vestigde op het Britse eiland. Van daaruit verspreidden ze zich voor handelsdoeleinden naar de kusten van het continent die onderworpen waren aan het Duitse Cymry – de afstammelingen van de Duitse koning Cimbrus (1679-1635). Zo werd Israël in Denemarken bekend onder de stamnaam Cymry.
Figuren uit de Torah, Bijbel en Koran hebben echt bestaan al werden vertellingen over hun levens doorspekt met legendes en mythen.
Naarmate de tijd verstreek, werd het schiereiland Denemarken een hoofdgebied van handel. Het is strategisch gelegen om zowel de Noord- als de Oostzeehandel te domineren. Dus samen met de oorspronkelijke Duitse stammen van de Cymry en Dauciones waren migranten uit Groot-Brittannië. In 1040 riep de Hebreeuwse Cymry een afstammeling van Juda, een koninklijke telg van het Huis Troje, op om over hen te regeren. Odin beantwoordde de oproep en leidde een migratie uit Thracië naar Denemarken en naburige regio’s.
Hieronder staat de genealogische en historische lijn van Juda die van Odin afstamde. Door gemengde huwelijken heeft de lijn van Odin door heel West-Europa doordrongen. Geen wonder dat de leeuw van Juda het symbool is op het wapenschild en de schilden van koningshuizen van Noordwest-Europa.
- Danus I, of Odin eerste koning van Denemarken
- Humblus, zoon van Odin
- Lotherus, zoon van Odin
- Boghius
- Scioldus, zoon van Lotherus
Hier stoppen we de lijst, die nog vele namen lang is. De stamreeks naar Sara Venhuizen neemt hier een afslag. We zien dat Danus I werd opgevolgd door zijn zoon Humblus. Humblus werd als koning opgevolgd door zijn broer Lotherus, die werd opgevolgd door Boghius, die weer werd opgevolgd door de zoon van Lotherus, Scioldus. Een andere zoon van Danus I werd geen koning en staat daarom niet in deze lijst. Zijn naam was Bedwig en hij is de voorouder van Sara Venhuizen.
Bedwig Sefskefsson werd ongeveer 100 jaar vChr geboren in Truva (Troje) Turkije. Hij overleed in Denemarken. Hij was de vader van
- Hwala Bedwigsson, koning der Goten, vader van
- Hathra Hwalasson, koning de Goten, vader van
- Itermon van Asgard, vader van
- Heremöd van Denemarken, vader van
- Scealdwea Heremodson van Denemarken, vader van
- Beowa Sceldwa der Saksen, vader van
- Taetwa Tecti van Asgard, vader van
- Geata (Ját) der Goten, de vader van
- Godwulf Jatsson van Asgard, de vader van
- Flockwald Godwulfsson van Asgard, vader van
- Frithuwulf Fredulf van Asgard, vader van
- Frealâf Buri van Scania, vader van
- Frithowald van Noorwegen, vader van
- Woden Odin Frithowaldson van Noorwegen, vader van
- Wecta van Saksen, vader van
- Witta van Saksen, vader van
- Wihtgils van Saksen, vader van
- Hengest van Kent
Hengest en zijn broer Horsa veroverden met hun leger van Angelen, Saksen, Friezen en Jutten een gedeelte van Engeland in de 5e eeuw. De traditie noemt Hengest (als vader van een zoon, wiens naam afhankelijk van de bron verschilt) als de stichter van het koninkrijk Kent.

Hengest was de vader van
- Hartwaker van Saksen, de vader van
- Hathwigate van Saksen, de vader van
- Hulderick van Saksen, de vader van
- Bodik van Saksen, de vader van
- Berthold van Saksen, de vader van
- Sieghard van Saksen, de vader van
- Theoderich van Saksen van Asseburg, de vader van
- Wernicke van Saksen-Westfalen, de vader van
- Brunhart I van Saksen, de vader van
- Brunhart II van Saksen, de vader van
- Brunhart (Bruno) III van Saksen, de vader van
Liudolf ‘De Grote” van Saksen
Liudolf (vóór 806 – 11 maart 866) wordt vanaf 840 vermeld als graaf in Saksen. In 845 bezocht hij met zijn vrouw paus Sergius II in Rome om diens steun te vragen voor de oprichting van een vrouwenklooster. Dat klooster werd door hen gesticht in 852 in Brunnshausen en zou later naar Gandersheim worden verplaatst. Als militaire leider (dux)vocht hij tegen de Slaven en de Vikingen. Vanaf 850 werd hij hertog van de Oost-Saksen genoemd. Zijn persoonlijke bezittingen lagen ook in het oosten van Saksen. Liudolf is begraven in zijn eigen klooster in Brunnshausen.
Het geslacht van de Liudolfingen (ook de Ottonen) is naar hem genoemd, omdat hij er de oudste met zekerheid bekende vertegenwoordiger van is.
Liudolf was gehuwd met Oda (ca. 806 – 17 mei 913), dochter van de princeps van Billung (Billungers) en Aeda, dochter van Pepijn van Italiëen dus kleindochter van Karel de Grote. Oda stichtte in 885 het klooster van Calbe an der Milde en werd meer dan 100 jaar oud. Liudolf en Oda hadden twaalf kinderen.
- Brun van Saksen
- Otto I van Saksen
- Thankmar, van 877/879 abt van Corvey
- Liutgard van Saksen
- Enda
- Hathumod van Brunshausen
- Gerberga, tweede abdis van Gandersheim 874-896
- Christina, derde abdis van Gandersheim 896-919
- nog een dochter en drie zonen; die allen jong zijn overleden
Otto I van Saksen
(ca. 850 – 30 november 912), de Illustere, was hertog van het hertogdom Saksen en legde de basis voor de macht van de Ottonen.

In 877 was hij graaf van de Thüringgau. In 880 volgde hij zijn broer Bruno op, die was gesneuveld tegen de Denen, als hertog van Saksen. Daarmee was hij de eerste die Saksen als erfopvolger bestuurde. Hij had uitstekende relaties met de verschillende koningen en verkreeg zo steeds grotere bevoegdheden en regeerde uiteindelijk praktisch als een zelfstandig vorst in Saksen. Hij was Arnulf van Karinthië zeer behulpzaam bij diens Italiaanse krijgstochten en werd volgens sommige bronnen in dat jaar tot stadhouder van Milaan benoemd. Otto werd ook de opvoeder van Arnulfs zoon Lodewijk IV.
In 897 verwierf Otto nog het graafschap Eichsfeld. In 898 woonde hij de landdag van koning Zwentibold bij in Aken. En het jaar daarna steunde hij de mislukte oorlog van koning Arnulf tegen de Slaven. Daarna onderwierp hij op eigen kracht de aangrenzende Slavische stammen en legde hun een schatting op, en sloeg aanvallen van de Hongaren af. De invallen van de Hongaren leidden ertoe dat steeds meer Saksische en Thüringse edelen zich onder zijn bescherming stelden. In 908 werd Otto voogd van Hersfeld. In datzelfde jaar nam hij ook de eigendommen van de overleden markgraaf Burkhart van Thüringen in bezit, zonder daarover zelfs maar met het hof van de koning te overleggen.
Nadat Lodewijk IV in 911 zonder erfgenaam overleed, werd aan Otto de koningskroon aangeboden maar hij weigerde wegens zijn leeftijd. In plaats daarvan steunde hij de kandidatuur van Koenraad I van Franken.
Otto is begraven in de kloosterkerk van Gandersheim.
Otto was gehuwd met Hedwig van Babenberg, zij kregen de volgende kinderen:
- onbekende dochter (ca. 870)
- Thietmar I
- Liudolf, overleden voor Otto
- Hendrik de Vogelaar
- Barbara
- Oda
- Liutgard, 919-923
- Irminburg
Bij een onbekende vrouw zou Otto nog een dochter hebben gehad.
Liudolf van Saksen
Geboren rond 890, overleden rond 976. Hij was Gehuwd met Hildegard (Ida) von Lahngau en hun kinderen waren
- Ekkehard (Ekkehardiner)
- Wendilgart
- Irmengart
- Kotechind
Kotechind van Saksen
Geboren circa 895, overleden in circa 937. Kotechind was getrouwd met Siegfried I von Arneburg, markgraaf van Ost-Sachsen en graaf van Merseburg. Hij was een zoon van Tiethmar I van Saksen, dus een volle neef van Kotechind. Siegfried overleed op 10 juli 937. Kotechind werd door dit huwelijk gravin van Merseburg.
Kotechind en Siegfried kregen de volgende kinderen:
- Mathilde
- Bruno
- Thiery
Siegfried trouwde na Kotechind met zijn andere nicht Irmengart, met wie hij nog een zoon kreeg: Siegfroy, die ook graaf van Merseburg werd.
Bruno von Arneburg Im Derlingau
Geboren circa 920, Overleden 10 december 978. Hij was getrouwd met Frederuna, dochter van de graaf van de Harzgau, overleden in 1015.
Zij kregen vier kinderen:
- Mathilde von Arneburg
- Bruno Im Derlingau
- Dietrich von Querfurt
- Rikbert von Hassegau
Bruno Im Derlingau
In 940 geboren te Derlingau, een deel van de Saksische provincie Ostfalen. Bruno werd Hertog van Ostfalen. Hij had een relatie met Hildeswinde Von Engern, waaruit één zoon voortkwam:
- Brun I von Braunschweig
Brun I von Braunschweig
Werd in 956 geboren in het Noord Hollandse Westfriesland, overleden in rond 1010. Hij was graaf in de Derlingau, de Nordthüringgau , de Hastfalagau , de Salzgau , de Gau Gretinge en de Gau Mulbeze , met Brunswijk (Braunschweig) als zijn residentie.

In 990 was Brun lid van het Saksische leger dat Mieszko I, hertog van Polen , steunde tegen Boleslaus II, hertog van Bohemen , in Silezië . Brun nam deel aan de verkiezing voor koning van de Romeinen van 1002 (na de dood van Otto III, keizer van het Heilige Roomse Rijk ) als kandidaat en kiezer. Toen zijn eigen kandidatuur mislukte, steunde hij Herman II, hertog van Zwaben , met wiens dochter, Gisela, hij in hetzelfde jaar trouwde.
Gisele Von Schwaben Und Limburg (ca. 990 – 15 februari 1043) Gisela was de dochter van hertog Herman II van Zwaben en Gerberga van Bourgondië , dochter van koning Koenraad de Vreedzame . Haar beide ouders waren afstammelingen van Karel de Grote. Na Bruns dood was haar tweede huwelijk omstreeks 1012 met de telg van Babenberg Ernst, die door koning Hendrik II van Duitsland bij de dood van Gisela’s broer, hertog Herman III, was beleend met het hertogdom Zwaben en die zichzelf als zijn erfgenaam wilde legitimeren. Na Ernsts vroege dood in 1015 werd Gisela regent voor hun minderjarige zoon, hertog Ernst II van Zwaben.
Gisela was koningin van Duitsland van 1024 tot 1039 en keizerin van het Heilige Roomse Rijk van 1027 tot 1039 door haar derde huwelijk met keizer Conrad II . Ze was de moeder van keizer Hendrik III.

Gisela’s derde huwelijk, dat plaatsvond vóór januari 1017, was met Conrad II , die in 1024 tot koning van Duitsland werd gekozen en in 1027 keizer van het Heilige Roomse Rijk werd. Volgens Thietmar van Merseburg weigerde aartsbisschop Aribo van Mainz haar tot koningin te kronen omdat Gisela en Conrad te nauw verwant waren, het paar stamde beiden af van koning Hendrik de Vogelaar . In plaats daarvan werd ze dertien dagen na Conrads kroning gekroond en gezalfd door aartsbisschop Pilgrim van Keulen . Het Liber Generationum (een tekst over generaties van de schepping tot Jezus Christus) werd gelezen – een ritueel van groot belang, dat de geboorte van een nieuwe dynastie symboliseerde. Om dezelfde reden verving Hendrik II haar als regentes van haar zoon door Poppo van Trier , wat de bron van conflict werd tussen Conrad en Hendrik.
Gisela speelde een actieve rol in de politiek, ze woonde keizerlijke raden bij . Ook nam ze deel aan verschillende synodes van de kerk. Ze zorgde voor de dochters van haar zus Matilda, Sophie en Beatrice, die later respectievelijk over Bar en Toscane regeerden.
De keizerin stierf in 1043 aan dysenterie in het keizerlijk paleis van Goslar. Ze is begraven in de grot van de Dom van Speyer in Duitsland, samen met verschillende keizers en andere leden van de keizerlijke familie.
Gisela en Brun I, graaf van Brunswijk, hadden de volgende kinderen:
- Liudolf, markgraaf van Frisia (ca. 1003 – 24 januari 1038)
- Dochter (ca. 1004 – ?), getrouwd met graaf Thiemo II van Formbach
- Gisela (ca. 1005 – ca. 1052), trouwde met graaf Berthold van Sangerhausen
Gisela en Ernest I, hertog van Zwaben hadden:
- Ernest II, hertog van Zwaben (ca. 1013 – 17 augustus 1030)
- Herman IV, hertog van Zwaben (ca. 1015 – 28 juli 1038)
Gisela en Koenraad II, keizer van het Heilige Roomse Rijk, hadden:
- Hendrik III, keizer van het Heilige Roomse Rijk (28 oktober 1017 – 5 oktober 1056)
- Mathilde (1027 – januari 1034), verloofd met Hendrik I van Frankrijk
- Beatrix (ca. 1030 – 26 september 1036)
Liudolf von Brunswijk en Frysia
(ca. 1003 – 23 april 1038) Liudolf was markgraaf van Friesland, graaf van Brunswijk, graaf in de Derlingau en de Gudingau.
Na de dood van zijn vader hertrouwde Liudolfs moeder meerdere malen, haar laatste huwelijk was met Conrad II, keizer van het Heilige Roomse Rijk . Keizer Hendrik III van het Heilige Roomse Rijk was daarom zijn jongere halfbroer. Liudolf trouwde met Gertrudis van Egisheim en kreeg vier kinderen.
Hij bestuurde de Friese graafschappen Oostergo, Zuidergo en Westergo . Nog twee generaties lang erfde de familielijn Brunonen de titel. Hoe de Brunonen aan hun positie in de graafschappen kwamen, is niet bekend. Er is een theorie dat Liudolf misbruik maakte van de heerschappij van geweld door de graven van Holland in het deel van Friesland tussen het Vlie en de Lauwers . Over zijn leven is niet veel bekend. Hij stierf in 1038 en werd opgevolgd door zijn zoon, Bruno II .
Liudolf en Gertrude van Egisheim hadden de volgende kinderen:
- Bruno II (rond 1024 – 26 juni 1057)
- Egbert I, markgraaf van Meissen (overleden 1068)
- Mathilde van Friesland (overleden 1044); trouwde met koning Hendrik I van Frankrijk.
- Ida van Elsdorf, getrouwd met Leopold (Luitpold, Lippold) van Babenberg
- (mogelijk) Agatha, echtgenote van Edward de Balling, van de koninklijke familie van Engeland , de moeder van Edgar de Ætheling en Sint Margaretha van Schotland.
- Wilbert van Frisia (1036-????)
Wilbert van Frisia
Geboren in 1036. Hij was gehuwd met Reinolda (Rineld, Reinwl), eveneens rond 1036 geboren. zij hadden tenminste één zoon:
Liudprondus I van Frisia
Geboren tussen 1068 en 1091
“In 1061 schonk hij de kerk van Bremen een reddingsgeschenk uit zijn erfenis bij Orschem aan hem, zijn vrouw Ige, zijn ouders Wibert (= Wibet), Reinwl (= Reinolda, Rineld) en zijn voorouders. Grond met een huurwaarde van 1 pond zilver per jaar; mogelijk Butjadinger kusthaven van Otzum, die de Stader Kopiar 1420 noemt.” Door A. Salomon: May, Regesten, Nr. 262.”
Liudprondus en Ige kregen zeker één zoon:
- Liudprondus II van Frisia, de vader van
- Liudprondus III van Frisia, de vader van
- Liudprondus IV van Frisia, de vader van
- Udo Tiadekana, de vader van
- Haiko Uldenga, de vader van
- Udo Tiadeka II, de vader van
- Tiado I (Szio Thio) van Ditzum en Midwolde
Tiado I van Ditzum en Midwolde
Leeft omstreeks 1320 en wordt nog genoemd in 1380. Hij is de stichter van het goed Tyarda bij Bingum, van het Cisterzienserklooster Termunten van tussen 1409-35. Als abt komt hij voor met de naam Edo Boyng te Dykhusen en als Thedinga (Tyadena) bij het Benediktiner dubbelklooster Nüttermoor dat in 1283 is gesticht.
Tiado was vader van
- Emeco (Enno) van Midwolde, Borsum & Petkum, de vader van
- Tammo Ewinga van Jemgum, vader van
- Jarig Tamminga van Hornhuizen, vader van
- Hiddo Tamminga van Hornhuizen Genaamd van Ewsum, vader van
- (Ridder) Ewe Erickes Eggerichs Ewesma Von Jemgum, vader van
- Focko Ewens van Den Dam, vader van
- Popco Abels Elama Tho Uythuysen, vader van
- Waalcko Popkes Elama Tho Uythuysen, vader van
- Louwe tho Enzelens, vader van
- Havick Louwens tho Enzelens, vader van
- Popko Havicks Louwens, vader van
- Meneweer Louwens
Meneweer trouwde met Tobias Hendriks Venhuizen, de vader van Sara en daarmee is dit verhaal, de reis van Noah naar Sara uit Groningen rond.