
De oudste leden van het geslacht Van Driel komen in Zuid-Holland voor, o.a. in de Zwijndrechtse Waard. In de loop van de vijftiende eeuw treffen wij leden van het geslacht Van Driel in Dordrecht, waar zij behoorden tot de gegoede burgerij van die stad. Een andere groep van deze familie had zich al gevestigd in de bedijkte polder Riederwaard, bij het dorp Ridderkerk. Leden van deze familiegroepen leefden in grote welstand en vervulden functies in het stadsbestuur van Dordrecht en in diverse dorps- en polderbesturen van de Zwijndrechtse Waard en Riederwaard.
Mels Jansz van Driel
Geboren in 1240 te Ridderkerk. Zijn vader was Jan van Driel.
Hij was gehuwd met Metje Jansdr Jans. Geboren rond 1240.
Hun zoon:
- Jan Mels van Driel
Jan Melsz van Driel
Geboren in 1262 in Ridderkerk. Overleden in Zwijndrecht.
Hij was gehuwd met Pietertje Kermis. Geboren rond 1270 te Ridderkerk, overleden in oktober 1317 te Charlois. Uit dit huwelijk:
- Jan (Janszn) van Driel
Jan van Driel
Geboren in 1290 te Ridderkerk, overleden op 14 april 1385 in Zwijndrechtse Waard.
Hij was gehuwd met Cornelia Abrahamsdr Brouwer. Geboren rond 1290, overleden na 1345. Dochter van Abraham Brouwer en Maaike van der Waal.
Hun zoon:
- Jan Jansz van Driel “de Oude”
Jan Jansz van Driel “de Oude”
Geboren circa 1325. Zoon van Jan van Driel. Beroep was haverhandelaar in Zwijndrechtse Waard en handelaar in rijshout.
Hij is in 1355 getrouwd met Maria Bertram Arnoudsdr Van der Cloot, geboren in het jaar 1340 in Den Bosch. Zij is na de geboorte van haar zoon overleden op 10 juli 1355 in Sandelingen Ambacht, zij was toen 15 jaar oud.
Uit dit huwelijk kwam één zoon:
- Jan Jansz van Driel ‘de jonge’
Jan de oude trouwde op 14 augustus 1355 met een ander 15 jarig meisje: Margriete Meeusdr. Meeus, geboren in Januari 1341, dochter van de schepen van Dordrecht.
Kinderen uit dat huwelijk:
- Pieter Jansz van Driel
- Claes van Driel
- Heinken Jansz van Driel
In het klepboek van Dordrechtis staat een veroordeling uit het jaar 1394 opgetekend, waarbij een zekere Aecht van Driel voor drie jaren verbannen werd. De reden van verbanning wordt niet vermeld.
Een lichter vergrijp was gepleegd door Margriete van Driel, die samen met drie andere vrouwen in 1412 werd beschuldigd “van quaed werck, van quaetsprecken ende onzedeliken leven”.
Zij werden veroordeeld tot het leveren van elk 1000 stenen voor de bouw van de kerk, een in die tijd niet ongebruikelijke boete, die ten goede kwam aan de gehele stedelijke gemeenschap. Vermoedelijk behoorden zowel Aechte als Margriete van Driel tot de verwanten van Jan van Driel: het is niet uitgesloten dat een van beiden diens echtgenote of weduwe was.
In dat verband is een Dordtse akte uit het jaar 1407 interessant, waarin een boedelscheiding plaats vond tussen Jan (Willemsz.) van Beveren, als man van Margriete Meeus Meeusdochter, en een zekere Heinken Jansz. Uit de akte blijkt dat Heinken Jansz. een zoon was van Margriete Meeus Meeuszdochter uit haar eerste huwelijk met Jan Jansz! Het is niet ondenkbaar dat Margriete Meeus Meeus, identiek was met de in 1412 veroordeelde Margriete van Driel. Heinken Jansz.zou in dat geval een halfbroer van de genoemde andere kinderen kunnen zijn: aangezien deze oudere broers Van Driel niet in de boedelscheiding uit 1407 worden genoemd, zullen zij in ieder geval een
andere moeder dan Margriete hebben gehad.
De familienaam Hordijk
In deze stamreeks komt de naam (van de) Hordijk meerdere keren voor. De personen met die naam hoeven niet perse familieleden van elkaar te zijn.

De Hordijk was een dijk op het eiland IJsselmonde, gelegen tussen de dorpen IJsselmonde en Barendrecht. Dijken boden uiteraard veilige (droge) plekken voor bewoning. Mensen die langs de Hordijk woonden, werden vaak aangeduid als ‘van den Hordijk’. Dit is bijvoorbeeld nog terug te vinden in doop- en trouwboeken uit IJsselmonde en Barendrecht. Het gebruik van de naam Hordijk als vaste familienaam gebeurde echter voornamelijk in de loop van de 17e eeuw.
Als gevolg waren er meerdere families, hoewel niet onderling aan elkaar verwant, die de naam Hordijk als familienaam zijn gaan gebruiken. Voor zover bekend, zijn er momenteel nog vijf van deze ongerelateerde Hordijk stambomen in leven, ofwel stambomen waarvan nu levende nakomelingen nog steeds de naam Hordijk dragen.
Jan Jansz van Driel ‘de Jonge’
Geboren op 10 juli 1355 in Hendrik Ido Ambacht, overleden op 5 september 1423 in Zwijndrecht. Hij was handeelaar in haver en Heemraad van Sandelingenambacht. Hij trouwde in 1380 in Oost-Barendrecht met Adriana Jans de Hordijk
Hun kinderen:
- Pieter Jansz van Driel
- Dirck Jansz van Driel
- Jan Jansz van Driel
- Heijken Jansz van Driel

Dirck Jansz van Driel
Geboren ca.1385 te IJsselmonde, overleden na 1428. Hij was handelaar in haver. Wegens ‘doorbreken van een vrede’, omdat hij betrokken was bij de doodslag door zijn broer Pieter Jansz van Driel, begaan i.v.m. een familievete, voor 1 jaar verbannen door het gerecht van Dordrecht (1423). Hij vestigde zich daarna aan de Hordijk onder Ridderkerk.
Dirck Jansz. van Driel trad in 1421 voor het gerecht van Dordrecht op als vertegenwoordiger van zijn moeder in een zaak met betrekking tot een schuld vanwege de pacht van land gelegen in de Zwijndrechtse Waard.
Een tweetal jaren eerder had Dirc Jansz. van Driel voor het gerecht van Dordt een beslag bestreden, dat gelegd was op haver in “Broer Cleisz. Hoef” in de Zwijndrechtse Waard. Evenals zijn vader “Jan Jansz. die havercoper” handelde Dirc Jansz. van Driel in haver. Hij trad in deze zaak op namens zijn ouders.
In 1423 wees het gerecht van Dordrecht vonnis in een zaak betreffende een “doorbroken vrede” tussen twee partijen. Als eerste van de vier veroordelingen die in deze zaak werden uitgesproken, werden de gebroeders Jacop Saltmansz. Willem Saltmansz. en Aernt van Riede elk voor vijf jaar verbannen, “omdat si wetende ene vrede gebroken hebben die tusschen tween anderen genomen was”. Volgens een artikel in De Nederlandsche Leeuw jrg. 1933 waren Willem van Almonde Aernt van Riede alias Almonde, Cornelis van Almonde en Jacob van Almonde de zoons van Philips Jansz.van Almonde. Hij was beleend met land in ‘s-Gravenambacht(ca.1401) en Rhoon (1413) en was vermoedelijk gehuwd met een dochter van Aernt van Riede Aerntz. Hoe de broers van Almonde bij de vete betrokken waren, is onduidelijk. Als laatste van de veroordeelden werd Dirck van Driel genoemd, die voor een paar jaar werd verbannen omdat hij “boven de handvrede een mes getogen had op Wouter Willemsz.”. Overigens lijkt Dirck van Driel in deze zaak slechts te zijn beschouwd als medeplichtige van zijn broer Pieter van Driel, die voor eeuwig verbannen werd omdat hij genoemde Wouter Willemsz. van Luic ter dood gebracht had. Pieter van Driel had deze doodslag begaan “boven ene hant- vrede die hi voer poirteren ghegront hadde teghen Michiel Damaesz.”.
Gelet op de invloedrijke positie die zijn zoon Cornelis van Driel innam in de omgeving van de Hordijk, kan verondersteld worden dat Dirck van Driel na zijn verbanning in die omgeving terecht is gekomen. Een mogelijkheid zou zijn, dat Dirck Jansz. van Driel zich na 1423 gevestigd heeft in de nog nauwelijks bedijkte gebieden van de Riederwaard.
Dirck was gehuwd met Machtelt Egge Herbaers. Hun kinderen waren:
- Cornelis Dircksz van Driel
- Mechtelt van Driel
- Adriana van Driel
Cornelis Dircksz van Driel
Geboren op 15 september 1420 in IJsselmonde, overleden1493. Roepnaam was Neel. Hij was boer en hij gebruikte grond in de Oud-Reijerwaard. Tevens was hij Heemraad van het Westambacht van IJsselmonde.
Hij trouwde op 21 juni 1455 te IJsselmonde met Niesje van Hordijk. Hun kinderen:
- Dirk Cornelisz. Cornelisz van Driel
- Neel Cornelisdr van Driel
- Lijntje Cornelisdr van Driel
Lijntje Cornelisdr van Driel
Geboren omstreeks 1465 te IJsselmonde, overleden in het jaar 1533 in IJsselmonde,
Zij trouwde rond 1490 met Pieter Dircksz. Verschoor, Heemraad, Schout, Dijkgraaf van IJsselmonde; Landpoorter van Dordrecht. Zij woonden in een hofstede aan de Hordijk te IJsselmonde.
Hun kinderen waren: